Feestvuurwerk & Eindejaar

Heel wat inwoners zullen het nieuwe jaar vieren met het afsteken van feestvuurwerk. De aankoop, bezit en gebruik van feestvuurwerk is echter geregeld door het Koninklijk Besluit van 23 september 1958  (KB 23-09-58 houdende algemeen reglement betreffende het fabriceren, opslaan, onder zich houden, verkopen, vervoeren en gebruiken van springstoffen, gewijzigd bij de koninklijke besluiten van 4 augustus 1959, 7  januari 1966, 10 december 1969, 9 april 1976, 4 augustus 1978, 1 februari 2000, 14 mei 2000 en 25 april 2004) en het politiereglement (Algemeen politiereglement Deinze – Zulte d.d. 22.01.2009)

Dit is geen eenvoudige materie en vraagt soms een woordje uitleg. Hierbij enkele verduidelijkingen.

Wat is vuurwerk?

K.B. 23.09.1958 deelt de "springstoffen" in verscheidene klassen. Men onderscheidt volgende klassen springstoffen :
    Klasse A : Ontplofbare stoffen
    Klasse B : munitie
    Klasse C : vuurwerk

Vuurwerk wordt op zijn beurt ook ingedeeld in drie grote groepen:.
    Feestvuurwerk : bestemd voor particulieren
    Spectakelvuurwerk: bestemd voor professionelen
    Vuurwerk voor technisch gebruik: bv gebruikt in de air-bags van voertuigen

Wat is feestvuurwerk of ontploffend vuurwerk?

De klasse vuurwerk wordt op zichzelf nog onderverdeeld in randnummers gaande van C1 tot C24.
Naargelang het randnummer spreekt men van feest- en seinvuurwerk en van ontploffend vuurwerk.

Het feestvuurwerk moet voldoen aan de volgende fundamentele veiligheidseisen die erop van toepassing zijn:

  1.   Het feestvuurwerk, inzonderheid datgene bestemd om geluid voort te brengen, mag bij het aansteken geen gevaarlijke brokstukken wegslingeren.
  2.   De voorgestelde inleidingmethode moet borg staan voor een veilige en betrouwbare ontbinding van het feestvuurwerk.
  3.   Het feestvuurwerk dat lichteffecten in de lucht geeft, moet, wanneer het wordt aangestoken, een voldoende hoogte bereiken om niet gloeiend terug op de grond te vallen.
  4.   Feestvuurwerk mag enkel worden gebruikt voor zijn normaal gebruik.

 

Wat mag of wat mag niet m.b.t. feestvuurwerk ?

Verkoop & opslag
  • Verkoop en opslag kan enkel indien hiervoor een vergunning werd afgeleverd door het College van Burgemeester en Schepenen. 
  • Verkoop mag enkel aan personen van meer dan 16 jaar en mits een toelating door de burgemeester.
Aankoop
  • Voor de aankoop moet je minstens 16 jaar zijn en toelating krijgen van de burgemeester.  Deze toelating is slechts geldig voor één dag en is op naam van de aanvrager en mag niet doorgegeven worden. Deze toelating bestaat uit twee 2 documenten, één ex. voor de verkoper en een tweede ex. dat de aankoper steeds moet kunnen vertonen.
Gebruik & hoeveelheid

- Wanneer mag een particulier vuurwerk afsteken?

Art. 2.17 van het Algemeen politiereglement bepaalt:
Met behoud van de toepassing van de wettelijke en reglementaire bepalingen is het verboden, zowel op de openbare weg als op private domeinen, binnenplaatsen en op alle plaatsen die palen aan de openbare weg, om het even welk vuurwerk af te steken of voetzoekers, thunderflashes, knal- en rookbussen te laten ontploffen.
De burgemeester is ertoe gemachtigd toestemming te verlenen om feestvuurwerk af te steken.
Het vuurwerk, de voetzoekers, de thunderflashes, de knal- en rookpotten worden in beslag genomen en overgedragen aan de bestuurlijke overheid. (zie : Art 30 – WPA)

Het is dus in Deinze en Zulte verboden om feest- en seinvuurwerk af te steken, tenzij de burgemeester toestemming geeft.
De burgemeester van Deinze zal dit uitzonderlijk toestaan op oudejaarsavond, meer bepaald van 31 december 2009 om 23.30 uur tot 1 januari 2010 om 01.00 uur. Wie dan vuurwerk wil afschieten, diende dit op voorhand aan te vragen (zie Verkoop  /aankoop). Voor Zulte blijft de algemene regeling van kracht.
Het afsteken van vuurwerk gebeurt onder eigen verantwoordelijkheid; de toelating van het stadsbestuur ontslaat de gebruiker niet van aansprakelijkheid bij schade of ongevallen.

- Welke hoeveelheid mag een particulier bezitten?

Een particulier mag feest- en seinvuurwerk hebben met daarin max. 1 kg. pyrotechnische sas (ontplofbare stof). Een eenvoudige regel om te weten hoeveel pyrotechnische sas een tuig bevat, is het brutogewicht van het tuig of tuigen door 5 te delen. Hieruit volgt dat een particulier max. 5 kg brutogewicht aan vuurwerk mag bezitten.
 
TerugDatum: 28-12-2009